Vanuit zijn ouderlijk huis ging Roel na zijn eerste studiejaar op kamers, in een pand uit 1912. Hoewel hij goed om zich heen keek tijdens de kijkavond, vielen hem pas écht wat zaken op toen hij al even in zijn kamer woonde. Zo hingen er geen rookmelders en zouden een paar huisgenoten als ratten in de val zitten als er brand uit zou breken.

“Ik voel me niet onveilig in dit huis en op mijn kamer”, vertelt Roel. “Helaas is het in ons huis zo dat we zelf moeten opletten op de brandveiligheid. Er hangen gelukkig inmiddels rookmelders in het trappenhuis en de bijkeuken.

Mijn huisgenoot in de bovenste kamer heeft wel een brandladder gekregen van de huisbaas, maar wanneer ze die aan haar vensterbank hangt breekt die af. Een vluchtplan hebben we ook niet en al helemaal nooit geoefend.”

Eigen maatregelen
De huisgenoten staken de koppen bij elkaar en leerden over het gebruik van een blusdeken en brandblusser. Ook maakten zij de afspraak om alleen in de keuken eten te bereiden en niet te veel elektronische apparatuur in één keer aan te zetten. “In het begin rookte ik op mijn kamer”, zegt Roel, “maar toen een medestudent me vertelde over een brandje op zijn kamer door een smeulende peuk, ben ik daar meteen mee gestopt. Ik ben verantwoordelijk voor mijn eigen veiligheid.”

Ook op kamers?
Ga jij op kamers en wil je weten waar je op moet letten? Lees dan ons andere artikel op sigids.nl voor meer informatie en advies.

www.vrijsselland.nl